PEETERS ONLINE JOURNALS
Peeters Online Bibliographies
Peeters Publishers
this issue
  previous article in this issuenext article in this issue  

Document Details :

Title: Overleving na myocardinfarct in de jaren negentig. Predictoren van cardiale en plotse dood
Author(s): JORDAENS L, DE CLERCQ A, TAVERNIER R, , , , , ,
Journal: Tijdschrift voor Geneeskunde
Volume: 55    Issue: 18   Date: 1999   
Pages: 1321-1332
DOI: 10.2143/TVG.55.18.5000551

Abstract :
Om de totale, de cardiale en de plotse sterfte na een acuut myocardinfarct te bestuderen, werd een cohorte van 708 overlevende patiënten gevolgd. Onderzocht werd of gekende en nieuwere risicoparameters voor totale en plotse dood nog altijd belangrijk zijn.

In totaal stierven 83 patiënten (12%). Cardiale sterfte trad in bij 58 patiënten, een niet-cardiaal overlijden deed zich voor bij 16 patiënten. Plotse dood trad in bij slechts 12 patiënten. In multivariate analyse waren de significante parameters in verband met totale sterfte een hoge leeftijd (alt017970 jaar), voorwandinfarct, NYHA-klasse 2 tot 4, een lange QRS-duur op het gefilterd elektrocardiogram, korte RR-intervallen op het ontslagelektrocardiogram en asymptomatische kamertachycardie bij Holter-onderzoek. Voor cardiale sterfte waren NYHA-klasse, de gefilterde QRS-duur en een kort RR-interval de enige belangrijke variabelen. Voor plotse dood was dit gereduceerd tot NYHA-klasse en gefilterde QRS-duur ("late potentials"). Wanneer variabelen gecombineerd werden om de positieve predictieve waarde voor plotse dood te optimaliseren, werd slechts een maximale waard van 27% bekomen.

In een aselecte infarctgroep is het risico voor plots overlijden laag in de eerste twee jaar na het acute infarct. Daarom is het erg moeilijk om het optreden ervan te voorspellen. Het optreden van plots overlijden hangt samen met kamerdisfunctie bij opname en de aanwezigheid van een abnormaal gefilterd elektrocardiogram.





Geen abstract

download article




34.230.84.215.