PEETERS ONLINE JOURNALS
Peeters Online Bibliographies
Peeters Publishers
this issue
next article in this issue  

Document Details :

Title: Opsporing van longtuberculose bij asielzoekers in België, 1999-2003
Author(s): AERTS A, VANDE GUCHT V, VANSAND V, WANLIN M, HONINCKX M, SCHANDEVYL W, SERGYSELS R
Journal: Tijdschrift voor Geneeskunde
Volume: 61    Issue: 14-15   Date: 2005   
Pages: 1023-1031
DOI: 10.2143/TVG.61.14.5002232

Abstract :
Personen afkomstig uit landen met een hoge tuberculoseprevalentie die asiel aanvragen in lage-incidentielanden, vormen een populatiegroep met een hoog risico van tuberculose. Daarom worden asielzoekers systematisch onderzocht op longtuberculose bij hun aankomst in België en ook periodiek om de zes maanden tijdens de twee eerste jaar van hun verblijf.
Van 1999 tot 2003 bedroeg de detectiegraad van de tuberculoseopsporing bij aankomst 313/100 000 onderzochte personen. De dekkingsgraad van deze activiteit werd geoptimaliseerd tot 95,5% in 2003. De periodieke opsporing bereikte een lagere detectiegraad (120-240/100 000), die echter nog steeds hoger is dan de grenswaarde waarboven actieve tuberculoseopsporing aangewezen is. Veel meer dan actieve longtuberculose werden letsels gediagnosticeerd van vroeger doorgemaakte, nu inactieve tuberculose: ze kwamen voor bij 1% van alle binnenkomende asielzoekers. Het opvolgen van de tuberculosebehandeling bij asielzoekers blijft een probleem in ons land: nog 15 tot 30% van de asielzoekers met actieve tuberculose breken hun behandeling vroegtijdig af.
Hoewel de dekkingsgraad van de tuberculoseopsporing bij binnenkomende asielzoekers optimaal verloopt, is deze opsporing slechts zinvol als ze gevolgd wordt door een prompt ingestelde en volledig uitgenomen behandeling. Uitwijzing vóór het einde van de behandeling is één van de oorzaken van het vroegtijdig afbreken van de tuberculosebehandeling bij asielzoekers. Een nationale regeling om dat tegen te gaan is daarom noodzakelijk.





Tuberculosis screening in asylum seekers in Belgium, 1999-2003
Asylum seekers in low incidence countries have a higher risk for tuberculosis than the general population. Therefore asylum seekers in Belgium are screened for tuberculosis upon entry as well as periodically, every six months during their first two years of stay.
The tuberculosis detection rate upon entry in Belgium amounted to 313 per 100.000 persons screened between 1999 and 2003. The screening coverage gradually increased to 95,5% in 2003. The periodic screening detected less tuberculosis patients, but reached a detection rate of 120-240/100.000, which is above the 50-100/100.000 cut off rate for performing active screening. More frequently than tuberculosis, asylum seekers presented with lesions of previously poorly treated or untreated, now inactive tuberculosis: these were found in 1% of all entering asylum seekers. The follow-up of tuberculosis treatment of asylum seekers remains a problem in our country: 15 to 30% of all asylum seekers with tuberculosis did not comply with their full treatment scheme.
Even though the coverage of the tuberculosis screening in entering asylum seekers is optimal, the active detection for tuberculosis is only useful when coupled to a promptly administered and fully completed treatment scheme. Expulsion before the end of treatment is one of the causes for the high defaulter rate in asylum seekers under tuberculosis treatment. A national arrangement to avoid this is needed.
Persons with lung lesions of inactive tuberculosis have a significantly higher risk to develop active tuberculosis and should be offered treatment for their fibrotic lesions.

download article




18.215.161.19.