PEETERS ONLINE JOURNALS
Peeters Online Bibliographies
Peeters Publishers
this issue
  previous article in this issuenext article in this issue  

Document Details :

Title: Langetermijnopvolging van personen met reumatoïde artritis onder infliximab: ervaringen van het Belgische “Infliximab Expanded Access Program”
Author(s): DE KEYSER F, DUREZ P, WESTHOVENS R
Journal: Tijdschrift voor Geneeskunde
Volume: 72    Issue: 17   Date: 2016   
Pages: 959-965
DOI: 10.2143/TVG.72.17.2002173

Abstract :
Het “Infliximab Expanded Access Program” (EAP) volgde gedurende tien jaar de eerste Belgische cohorte van 507 patiënten met reumatoïde artritis (RA) die behandeld werden met deze tumor­necrosefactorremmer (TNF-remmer) buiten het kader van een gerandomiseerde klinische studie.
Infliximab werd intraveneus toegediend in een dosis van 3 mg/kg bij de start van de studie, na twee en zes weken en vervolgens om de acht weken. Wanneer er volgens het klinische oordeel van de reumatoloog onvoldoende respons was op infliximab, was vanaf week 22 een dosisverhoging met één extra flacon (100 mg) infliximab om de acht weken toegelaten. De DAS28-score bleek het best te correleren met het klinische oordeel van de reumatoloog. Hiermee leverde de EAP-­studie een bijdrage tot de validatie van DAS28 als parameter voor de ziekteactiviteit en de respons op de behandeling.
De therapieretentie in deze groep was hoog, ondanks het feit dat er gedurende de studie een aantal nieuwe biologicals op de markt kwamen: na vier jaar was nog 57,7% van de “intention-to-­treat”-patiënten onder behandeling, na zeven jaar 31% en na tien jaar 21,7%. In de gevallen waarin de behandeling werd stopgezet, was dit wegens onvoldoende respons (121/310), bijwerkingen en veiligheidsredenen (116/310) en om electieve redenen (73/310).
Infliximab bleek ook op lange termijn een goede controle van de ziekteactiviteit te geven. Na vier en zeven jaar behandeling had respectievelijk 62% en 61% van de patiënten een lage ziekteactiviteit (DAS28 < 3,2). Na tien jaar behandeling was de gemiddelde DAS28-waarde 2,55 ± 1,01.
Ten slotte toont deze cohortstudie aan dat een grootschalige langetermijnopvolging van personen die een nieuw type behandeling krijgen haalbaar is in de dagelijkse kliniek en dit zowel in academische als in regionale centra.






Long-term follow-up of patients with rheumatoid arthritis treated with infliximab: experiences of the Belgian “Infliximab Expanded Access Program”
Infliximab was administered intravenously at 3 mg/kg at the start of the study, two and six weeks later and subsequently every eight weeks. When patients responded insufficiently to infliximab according to the clinical judgement of the treating rheumatologist, a dose increase with one extra vial (100 mg) every eight weeks was permitted from week 22 onwards. The DAS28 values correlated best with the clinical judgement of the rheumatologist. With this finding, the EAP study contri­buted to the validation of DAS28 as a parameter for disease activity and treatment response.
The therapy retention rates in this population were relatively high, despite the fact that a number of new biologicals became available during the study period: 57.7% of the intention-to-treat population was still treated after four years, 31% after seven years and 21.7% after ten years of follow-up. The reasons for the discontinuation were insufficient response (121/310), side effects and safety reasons (116/310) and elective reasons (73/310).
Infliximab provided adequate disease acti­vity control during long-term treatment: respectively 62% and 61% of the patients had low disease activity (DAS28 < 3.2) after four and seven years of treatment, whereas the DAS28 values averaged 2.55 ± 1.01 after ten years of treatment.
Finally, the EAP cohort study demonstrated that large-scale follow-up over prolonged periods of time of patients receiving new types of treatment is feasible in a daily clinical practice setting, in academic as well as in regional cen­ters.


download article




52.204.98.217.